Jan Veth: verschil tussen versies

720 bytes toegevoegd ,  1 jaar geleden
nieuw citaat, 1893
(citaat over, 1889)
(nieuw citaat, 1893)
{{Citaat
| tekst = Rembrandt, [[w:Jean-François Millet|Millet]] en [[w:Jacob Maris|Jaap [Maris],]] ziedaar het artistieke klaverblad wat mijn heilige drieëenheid is. [..] Eigenlijk ben ik tegenwoordig te ordinair gestemd om het sublieme van Jaap volop te kunnen genieten, maar het blijft – A thing of beauty is a joy forever.
| bron = {{aut|Jan Veth}}, brief uit Dordrecht 26 december 1886, aan [[w:Etha Fles|Etha Fles]]
| aangehaald = RKD, [https://rkd.nl/nl/explore/excerpts/record?query=artistieke+klaverblad+&start=0 briefcitaat], in brievencollectie Jan Veth
| opmerking = Ondanks eigen financiële krapte kon hij zijn bewondering voor Maris aldus uitdrukken tijdens de Kerstdagen in Dordtrecht
}}
 
{{Citaat
| tekst = Ik werk en werk, en heb in 't algemeen zoo bitter weinig satisfactie en zoo beroerd veel tegenwind, - ik zal maar niet uitpakken.... Dag kerel, ik ben gedrukt en moe, maar stellig al weer gerestaureerd als je dezen krijgt.
| bron = {{aut|Jan Veth}}, brief 2 Januari 1893, aan [[w:Antoon Derkinderen|DerKinderen]]
| aangehaald = {{aut|J. Huizinga}}, [https://www.dbnl.org/tekst/_gid001192701_01/_gid001192701_01_0094.php 'Uit het leven van Jan Veth.'], in ''De Gids.'' Jaargang 91, 1927, pp. 77-78
| opmerking = Veth schreef in die tijd veel over andere kunstenaars zoals over Derkinderen, Van Gogh en Jan Toorop; hij kwam nauwelijks aan het maken van portretten toe en raakte dat spoor wat kwijt
}}
 
2.770

bewerkingen